Tempel van Zeus

Deze Dorische tempel werd gebouwd door de Eleërs tussen 466 en 456 v.C. en maakte definitief Zeus tot hoofdgod van Olympia, ten nadele van Hera. De tempel was 64 m lang, bijna 28 m breed en zijn maximum hoogte was ongeveer 15 m. Hij was gebouwd uit lokale kalksteen , overtrokken met wit stuco, zodat het eruit zag als marmer. Het dak, in wit marmer uit Athene, werd gedragen door 34 massieve zuilen van meer dan 10 m hoog en meer dan 2 m breed. De architraafbalken wegen meer dan 12 ton.

P086Meer dan 100 waterspuwers in de vorm van leeuwenkoppen zorgden voor de afwatering van het dak. Op het hoogste punt van de voorgevel stond een gouden Nike-beeld: de godin van de overwinning brengt de zegekrans in naam van Zeus.

 

De sculpuren in het fronton van voor- en achtergevel en de metopen rondom de cella zijn door een aardbeving naar beneden gevallen, maar in het lokale museum grotendeels gereconstrueerd. De oostgevel toont Oinomaos, koning van Pisa, en Pelops, juist voor het begin van de paardenrennen, met Zeus in het midden; de westgevel toont de strijd tussen Lapithen en Kentauren met het beroemde Apollobeeld centraal. Met dit thema wordt duidelijk gealludeerd op de Griekse vrijheidsstrijd tegen de Perzen, die nog vers in het geheugen lag. De metopen laten de twaalf werken van Herakles zien, één van de mythische stichters van de spelen en het rolmodel van alle atleten.

Het bekendst is de Zeustempel om het Zeusbeeld van Pheidias, één van de zeven wereldwonderen.

© KU Leuven, 2012