Startmechanisme

Om alle wagens gelijktijdig te laten vertrekken bij de paardenrennen, werd in Olympia een mechanisch startsysteem geconstrueerd: er werden touwen gespannen tussen de randen van de baan en een bronzen dolfijn ongeveer in het midden.  Wanneer het startsignaal gegeven werd (hierbij steeg een bronzen adelaar op van een altaar in het centrum en dook de bronzen dolfijn naar beneden), vielen die touwen naar beneden.  Omdat de touwen langs de buitenkant eerst vielen, werden de wagens als de letter V opgesteld, de wagens langs de buitenkant het verst naar achter.  Zij konden dus eerst vertrekken. Wanneer de wagens het dichtst bij de dolfijn ook mochten vertrekken, stonden alle wagens ongeveer op een lijn. De uiterste wagens hadden op dat moment nog steeds het voordeel dat zij al op topsnelheid waren als de andere nog maar vertrokken, maar eveneens het nadeel dat ze de slechtste posities hadden om de bocht te nemen. Vanuit welke positie elke wagen moest vertrekken, werd bepaald door loting.

© KU Leuven, 2012