De toeschouwers

P027Antieke spelen trokken een massa toeschouwers aan, die de sfeer van het feest kwamen opsnuiven, hun favoriete atleten toejuichten of supporterden voor de underdog. Archeologen schatten dat in het stadion van Olympia plaats was voor zon 45000 toeschouwers en in Nemea zon 40000. Dit waren allen mannen, want vrouwelijke toeschouwers waren niet toegelaten. Een deel van de toeschouwers kwam uit de omstreken van de stad waar de spelen georganiseerd werden, de rest had een verre reis ondernomen om daar te geraken. Reizen was duur, dus dit waren meestal rijke mensen van de betere klasse.

P017De accommodatie voor de toeschouwers was zeer beperkt. Zeker in de klassieke tijd was er amper infrastructuur om de bezoekers op te vangen. De weinige hotels waren voorbehouden voor de allerrijksten en ook de weinige baden waren niet bedoeld voor de massa bezoekers. De meesten verbleven in tenten en kochten eten en drinken aan allerlei kraampjes. De omstandigheden waren allesbehalve comfortabel. In Olympia moest men op een degelijke drinkwatervoorziening zelfs wachten tot 153 n.C., toen Herodes Atticus een aquaduct en een monumentale fontein liet bouwen.

Toch stroomden de toeschouwers in massa toe en velen gebruikten deze gelegenheid in hun eigen voordeel. Handelaars, waarzeggers, goochelaars, enz. deden er gouden zaken. Ook filosofen en schrijvers, zoals de historicus Herodotus , zochten er het grote publiek op om snel over heel de Griekse wereld beroemd te worden. Politici grepen de gelegenheid aan voor politieke propaganda.

© KU Leuven, 2012