De Olympische eed

De atleten moesten zich houden aan de regels: vals spelen en corruptie waren verboden. Bij het beeld van Zeus, bijgenaamd ‘de bewaker van de eden’, in het raadshuis van Olympia zworen de atleten op de eerste dag van de spelen plechtig geen overtreding te begaan. Ook hun vaders, broers en trainers zworen dezelfde eed. De scheidsrechters en de hellanodikai hielden hen nauwlettend in het oog tijdens de wedstrijd. Begingen ze toch een overtreding, dan beledigden ze Zeus. Voor vals spelen tijdens de wedstrijd werden ze bestraft met lijfstraffen, voor corruptie met boetes.

Ook de hellanodikai zworen een eed. Ze moesten beloven een rechtvaardig oordeel te vellen en niet omkoopbaar te zijn. Het indelen in leeftijdscategorieën, alsook de beslissing of iemand al dan niet een vrije Griekse burger was, waren delicate materies, aangezien de Grieken geen geboortebewijzen kenden. Ook het bepalen van de winnaar in een sterk bevochten pankration match, of bij een loopwedstrijd waarbij twee atleten quasi samen over de finish kwamen, was niet eenvoudig. Het is niet ondenkbaar dat betrokken personen in dergelijke gevallen met geschenken probeerden de beslissing van de hellonodikai in hun voordeel te beïnvloeden.

De juiste woorden van de antieke Olympische eed kennen we niet meer. Voor de moderne Olympische spelen werd een nieuwe eed geschreven, die voor het eerst gezworen werd op de Olympische spelen van Antwerpen in 1920. Deze eed wordt afgelegd door één van de sporters en één van de juryleden uit het organiserende land in naam van alle sporters en juryleden.

Voor de atleten : 'In the name of all the competitors I promise that we shall take part in these Olympic Games, respecting and abiding by the rules which govern them, committing ourselves to a sport without doping and without drugs, in the true spirit of sportsmanship, for the glory of sport and the honour of our teams.'

Voor de jury-leden : 'In the name of all the judges and officials, I promise that we shall officiate in these Olympic Games with complete impartiality, respecting and abiding by the rules which govern them, in the true spirit of sportsmanship.'

© KU Leuven, 2012