Romeinse paardenrennen

De Romeinse paardenrennen verschillen in een aantal opzichten van de Griekse. De Romeinen reden net als de Grieken met twee- en vierspannen, maar kenden geen wedstrijd voor paarden met ruiter. Het voornaamste verschil ligt in de uiteenlopende opvattingen van de Romeinen en Grieken over sport.
P269Bij de Grieken werd sport in de eerste plaats georganiseerd voor de deelnemers. Rijke amateurs wilden betalen om deel te nemen aan de spelen. Dat de toeschouwers hier ook plezier aan beleefden was bijkomstig. De Romeinen organiseerden sportevenementen vooral om de toeschouwers te entertainen. Bij de deelnemers waren slaven en vrijgelatenen, geen hooggeplaatste personen. Er werd van hogerhand geld vrijgemaakt om dit entertainment te verzorgen. Naast de paardenrennen waren ook de gladiatorengevechten erg populair bij het publiek.

Deze opvattingen beïnvloedden de infrastructuur van de renbaan. Een Griekse hippodroom bestond enkel uit de renbaan zelf, er waren geen gebouwen en plaatsen voor toeschouwers. Het Romeinse circus was een complex gebouw met duizenden plaatsen voor toeschouwers. In het midden van de renbaan waren de twee keerpunten verbonden met een muur, de spina, die versierd was met beelden en zuilen. Er was slechts plaats voor twaalf wagens.

De Romeinen stapten af van het systeem waarin de eigenaar de paarden en de jockey leverde, die meededen om het prestige van de eigenaar te vergroten. In de plaats daarvan namen vier partijen of renstallen, elk herkenbaar aan hun eigen kleur, namelijk de Witten, de Roden, de Groenen en de Blauwen, deel met verschillende spannen. Het publiek supporterde voor een kleur of een partij, niet voor een bepaald span. Politici probeerden hun populariteit bij het volk te vergroten, door zich met één van de ploegen te associëren. De Groene en de Blauwe partij waren de belangrijkste, en bleven dit ook in de Byzantijnse periode.

© KU Leuven, 2012