De nazi-spelen van Berlijn in 1936

Toen in 1931 werd besloten om de spelen van 1936 in Berlijn te houden, werd Duitsland nog bestuurd door een centrum-coalitie. In 1933 kwam Hitler aan de macht en voerde anti-joodse wetten in. Meteen werd er internationaal getwijfeld of Berlijn nog wel een geschikte gaststad was voor de Olympische spelen. Het Olympische principe van de gelijkheid van alle volkeren stond immers in contrast met de nazistische overtuiging van de superioriteit van het Arische ras.

Josef Goebbels, de Duitse minister van propaganda, zag echter in de spelen een perfecte gelegenheid om het Duitse organisatietalent en de fysieke uitmuntendheid van de Duitse atleten aan de buitenwereld te demonstreren. De Duitsers beloofden het IOC dat ze Joden zouden toelaten mee te dingen voor een plaats in het Duitse team - al maakten ze het hen in praktijk wel min of meer onmogelijk - en de spelen in Berlijn gingen door. Nazistische symbolen, zoals de swastika en de Hitler-groet waren alomtegenwoordig. De grote held van deze nazi-spelen bleek echter de zwarte Jesse Owens, die met zijn vier gouden medailles (100 m, 200 m, 400 m estafette en verspringen) bewees dat de nazistische theorie van de superioriteit van het Arische ras niet klopte.

Op de spelen van 1936 werd voor het eerst ceremonieel de Olympische vlam aangestoken. De Berlijnse spelen zijn vastgelegd in de beroemde documentaire 'Olympia' van Leni Riefenstahl.

© KU Leuven, 2012